CurieuzeNeuzen in de Tuin en meet de hitte en droogte in uw tuin

Hoe wapenen we ons tegen droogte en hittegolven? CurieuzeNeuzen lanceert CurieuzeNeuzen in de Tuin, een ambitieus onderzoeksproject waarvoor 5.000 Vlamingen een halfjaar droogte en hitte gaan meten.

De voorbije jaren zijn in Vlaanderen droogte- en hitterecords gesneuveld. De grote verstedelijking en de bevolkingsdichtheid maken ons kwetsbaar en zetten de grondwatervoorraden onder druk. Het gaat hard, en het besef groeit dat we ons moeten wapenen. Hoe kunnen we dat doen? En welke hefbomen hebben we als burgers zelf in de hand?

Om een antwoord te vinden op die vragen, lanceert CurieuzeNeuzen een nieuw grootschalig burgeronderzoek. Na CurieuzeNeuzen Vlaanderen, waarvoor 20.000 Vlamingen in mei 2018 de luchtkwaliteit in hun straat hebben gemeten, is er nu CurieuzeNeuzen in de Tuin. Het burgeronderzoek zoekt 4.400 burgers, scholen, bedrijven en gemeentes die van april tot oktober de droogte, hitte en koolstofopslag in de bodem van hun tuin, speelplaats of park willen meten.

Klimaatoplossing?

Tuinen nemen in het verkavelde Vlaanderen zo’n 9 procent van de totale oppervlakte in, wat veel is in vergelijking met de buurlanden. Kunnen we ze ook inzetten als klimaatoplossing? Om dat na te gaan, nemen de deelnemers een bodemstaal. Zo wordt gekeken hoe tuinen en parken optimaal kunnen fungeren als koolstofarchief. Het onderzoek gaat na hoeveel koolstof er al is opgeslagen in onze tuinen, en waarom de ene bodem meer koolstof opslaat dan de andere. Zo wordt het potentieel in kaart gebracht van onze tuinen en parken om nog meer CO2 uit de lucht te halen.

Het onderzoek wil uitvissen wat een tuin of park koel of heet maakt, en waarom de ene tuin droog en de andere vochtig is. In welke mate wordt dat bepaald door het type bodem, of door hoe je je tuin inricht en hoe vaak of hoe kort je je gras afmaait? Ook in onze steden moeten we actief aan klimaatregeling doen. Grotere tuincomplexen, parken en groenzones werken als airco’s in een stad of wijk. Hoe kunnen we die verkoelende functie stimuleren? Wat is het verschil tussen stad en ­platteland, en wat is de impact van verharding?

Daarnaast komen er 600 meetpunten in natuurgebieden en bij aardappeltelers. Het geheel wordt aangestuurd door de Universiteit Antwerpen en verloopt in samenwerking met De Standaard, Vito, de Vlaamse overheid en een aantal privépartners.

Gazondolk

Voor de metingen worden 5.000 slimme bodemsensoren verdeeld, die in het gras worden geplaatst om de temperatuur en de vochtigheid in de bodem te meten. Die ‘gazondolken’ zijn uitgerust met innovatieve datatransmissietechnologie. Via het ‘internet of things’-netwerk (IoT) van Orange worden de data meteen doorgestuurd naar de databank van CurieuzeNeuzen. Het zal toelaten meteen met de gegevens aan de slag te gaan en korter op de bal te spelen. Tijdens de hete zomermaanden kunnen we de hittestress in kaart brengen, en berekenen in welke tuinen het zo heet wordt dat er gezondheidseffecten optreden. En tijdens droogte-episodes zien we in welke tuinen de drempel overschreden is waarbij het gras kapot kan gaan. Die data worden elke dag geüpdated, en in kaarten, indexen en grafieken gedeeld met de deelnemers en met alle Vlamingen.’

Gedurende de hele meetperiode, die loopt van begin april tot begin oktober, zal De Standaard het project op de voet volgen. De communicatie van de resultaten verloopt via de krant. In april brengt de krant een stippenkaart met de variatie in bodemtemperatuur en -vochtigheid in de Vlaamse tuinen, scholen en parken. In periodes van droogte en hitte komen er indexen die aangeven in welke mate onze tuinen gebukt gaan onder droogte- en hittestress. Op het einde van het jaar, wanneer alle resultaten verwerkt zijn, volgen een uitgebreide analyse en verklaringen.

Wie kan meedoen?

Groot, klein, stedelijk of landelijk gelegen, volkstuin, schooltuin of bedrijfstuin: elke tuin kan meedoen in dit internationaal uniek onderzoek. De enige voorwaarde is dat de tuin beschikt over een grasveld van minstens 2 meter in diameter in “volle grond” (balkon- en daktuinen komen niet in aanmerking). We zoeken 4.400 meetpunten, die we aanvullen met 600 meetlocaties in natuur- en landbouwgebieden: elk van deze meetpunten krijgt een slimme sensor in de bodem die de temperatuur en het vochtgehalte meet.

U kunt zich hier inschrijven.