Klimaatrobuustheid belangrijk bij boomkeuze

Bomen worden in steden steeds meer klimaatrobuust aangeplant. Dat gebeurt met verschillende technieken tijdens het aanplanten zelf, maar ook door na te denken over welke boomsoorten beter hete zomers of lange droogtes kunnen weerstaan. Op de lange termijn kiezen we beter voor mediterrane soorten in steden, zoals voor de steeneik, blijkt uit onderzoek.

Ook buiten steden zijn de dingen al aan het veranderen: “Het onderscheid tussen inheemse en uitheemse bomen gaat vervagen. Ons klimaat is intussen ook niet meer ‘inheems'”. Diversiteit wordt een belangrijk codewoord voor de toekomst.
Meer groen in de steden zal een heel belangrijk onderdeel worden van de plannen om steden beter te beschermen tegen de opwarming van het klimaat. Bomen zorgen voor extra afkoeling tijdens lange en hete zomers door verdamping en schaduw. Verstedelijkte gebieden ondergaan nog meer dan het platteland de impact van hittegolven omdat ze fungeren als hitte-eilanden. ’s Nachts koelt het er bijvoorbeeld veel minder af omdat het vele steen en beton dan de warmte uitstralen die overdag is opgenomen, en overdag blijft de warmte er meer hangen.

Het stadslandschap moet daarom worden hertekend – het is iets waar landschapsplanners en stadsarchitecten al langer mee bezig zijn. De manier waarop bomen worden aangeplant, is aan het veranderen, maar ook de bomen die we aanplanten, zullen er anders uitzien, niet enkel in de steden overigens.

“Groeiplaatsen zo klimaatrobuust mogelijk maken”

Steden en gemeenten zijn hun strategie aan het aanpassen. In het Bomenplan van de stad Antwerpen staat te lezen: “De combinatie van klimaatbestendige groeiplaatsen met (inheemse en uitheemse) klimaatbestendige bomen zorgt ervoor dat het Antwerpse bomenbestand ook in de toekomst de klimaatverandering kan weerstaan.”

Jos Schenk werkt als bomenconsulent bij de stad Antwerpen. “We zien de jongste jaren wel dat sommige bomen last krijgen. Het zijn vooral berken die afsterven, maar het is moeilijk om er een lijn in te trekken.”

Er wordt nagedacht over nieuwe soorten, maar momenteel wordt gefocust op het aanplanten, zegt Schenk. “We willen in de eerste plaats de groeiplaatsen zo klimaatrobuust mogelijk maken. We stellen de grond anders samen, met groeisubstraten en stoffen die makkelijk water vasthouden, zoals lava of compost. We proberen ook water van andere plaatsen af te leiden naar de boom, en voorzien zoveel mogelijk volume onder de grond. Hoe meer kubieke meter we kunnen vrijmaken, hoe beter.”

Los van de aanplantmethode wordt ook nagedacht over andere boomsoorten: “We staan zeker open voor andere soorten. De klimaatfactor zal spelen. Die nieuwe soorten zullen een onderdeel worden van het verhaal, maar in welke mate is nog onduidelijk. Maar ik hoop dat onze inlandse bomen niet gaan verdwijnen. We gaan niet zomaar alles overboord gooien. We willen sowieso verscheidenheid.” Ook de snoeimethode is deel van het klimaatplan voor de Antwerpse bomen. “De snoeimethode zal indien nodig aangepast worden zodat de bomen beter bestand zijn tegen voorspelde stormen”, luidt het in het Bomenplan.

Lees het volledige artikel ‘Steeneik of beuk? Klimaatrobuustheid en diversiteit belangrijk bij boomkeuze van de toekomst’ op vrt.be