Het Rotterdamse Dakenboek [VIDEO]

Rotterdam heeft de meeste platte daken van Nederland. Dat is onder meer een gevolg van de wederopbouw na het bombardement op 14 mei 1940. 14,5 miljoen vierkante meter plat dak waarvan 1 vierkante kilometer in het centrum ligt smachtend te wachten op invulling. Het Rotterdamse Dakenboek is een informatief en inspirerend boek over wat er allemaal al wordt gedaan met platte daken in Rotterdam en wat de ambities in de stad zijn.

In het ‘Het Rotterdamse dakenboek’, geschreven door journalist Esther Wienese, komen visionairs vanuit verschillende specialismen en aandachtsgebieden aan het woord over de rol van het dak in de toekomstige stad. Met ruim 30 voorbeelddaken laat het boek zien hoe Rotterdam nu al daken gebruikt voor wonen, werken en recreëren (rood), opvang van regenwater (blauw), natuur (groen) en energie (geel). Ook geeft het boek een doorkijkje naar toekomstige stadsontwikkelingen. De komende jaren wordt maar liefst 1km2 aan multifunctionele daken gerealiseerd in de binnenstad.

 

 

Picknicken

Een van de mooiste en meest geslaagde voorbeelden is het Dakpark in Rotterdam-West. Bovenop een gebouw van bijna een kilometer lang werd in 2013 een prachtig park aangelegd. Vroeger was het een spoorwegemplacement; nu vind je er een winkelboulevard met op het dak dus een langgerekt park met speeltoestellen, fonteinen en een buurttuin.

Dat laatste ontstond niet zomaar, want de buurtbewoners hadden een grote inspraak bij de inrichting en de opzet van het Dakpark. Dat was terecht, want zij namen ook het initiatief tot het park en hielden zich vijftien jaar intensief bezig met de aanleg. Het resultaat is indrukwekkend. Je kunt er fijn wandelen, picknicken, de hond uitlaten en spelen. Een verrijking voor de buurt. Het levert interessante architectuur op door een oud gebouw opnieuw te gebruiken en een dichtbebouwd gebied aantrekkelijk te maken door de begroeiing.

Op dakentour door Rotterdam?

Dat kan tijdens de Rotterdamse dakendagen, die jaarlijks worden georganiseerd in juni. Mooie groene daken om te bezoeken zijn het Dakpark, het restaurant Op het Dak aan de Schiekade en The Suicide Club van het Groothandelsgebouw.

 

Andere opmerkelijke architectuur bovenop het dak vind je in de Beatrijsstraat. Bovenop een voormalig negentiende eeuw confectie-atelier werden drie blauwe huisjes gebouwd. Een grote voor de ouders, en twee kleintjes die aan elkaar vastzitten voor de kinderen. Daartussen is een groot dakterras. Het lijkt een klein mini-dorpje hoog in de lucht. Samen met de afwijkende kleur is het een van de blikvangers van de wijk Middelland.

 

Kleurrijke plannen

Vooral de verscheidenheid van de initiatieven valt op. Naast parken en huisjes vind je ook daken met wateropslag, akkers voor bloemen, planten en dieren, een schoolplein en zelfs plannen voor een dorp met tiny houses. De foto’s zijn prachtig en geven een goede indruk. Daarnaast zijn er nog interviews met architecten, stedenbouwkundigen, bewoners en gebruikers.

Die zijn allemaal interessant om te lezen, maar missen wel wat diepgang, aldus NEMO Kennislink. Zo claimen geïnterviewden dat groene daken fijnstof opvangen. Uitleg van hoe dit werkt ontbreekt. Ook benadrukt auteur Wienese niet dat dit effect op de luchtkwaliteit zeer gering is. Datzelfde geldt voor een dak als extra wateropslag, om het riool tijdens zomerse piekbuien te ontlasten. Dat noemen geïnterviewden als belangrijk voordeel, maar wat het dan precies oplevert en hoe het werkt? Daarover kom je helaas maar weinig te weten. Dit boek was nog beter geweest als het meer was uitgewerkt.

Dat neemt niet weg dat het boek de moeite waard is om te lezen en vooral te bekijken. Je vergaapt je aan de foto’s van de veelzijdige initiatieven. Het boek laat overtuigend zien dat het dak niet als eindpunt gezien moet worden, maar een uitstekend beginpunt is voor kleurrijke plannen. Het zou mooi zijn als er ook van andere steden zoals Groningen, Utrecht en Nijmegen soortgelijke boeken komen.

Esther Wienese, Het Rotterdamse dakenboek. Nieuw gebruik van dak en stad, NAI010 Uitgevers, 211 p.

Bron: www.nemokennislink.nl